Pestprotocol


Omgaan met elkaar

We streven ernaar dat alle kinderen zich op onze school veilig voelen en we willen de kinderen leren op respectvolle wijze met elkaar om te gaan. Op school besteden we veel aandacht aan de wijze waarop we met elkaar omgaan. Een positieve benadering is daarbij kenmerkend. Het vastgestelde pestprotocol, de lessen uit de methode ‘Goed gedaan’ en de schoolregels spelen hierbij een belangrijke rol. Met betrekking tot deze schoolafspraken vertrouwen we erop dat een ieder (leerkrachten, leerlingen en ouders) zich loyaal opstelt; sterker nog, dat een ieder helpt bij het naleven van deze regels. Ondanks de aandacht die er wordt besteed aan sociale vaardigheden en respectvol met elkaar omgaan, kan het gebeuren dat wij pestgedrag niet signaleren. In dat geval hopen wij dat u onze school weet te vinden. In het pestprotocol staat o.a. beschreven welke acties u van ons kunt verwachten.  
 

Onze afspraken

De Rietkraag hanteert de volgende vijf gouden schoolregels:  

Pestprotocol

Pestgedrag kunnen en willen wij op onze school niet tolereren. Om daadwerkelijk wat te kunnen doen aan pesten, verwachten we van leerlingen en ouders dat ze het pesten melden bij de leerkracht. Dit zien wij niet als ‘klikken’. Voor alle duidelijkheid geven we onze leerlingen en ouders de volgende richtlijnen mee:  
Op school hebben we twee anti-pestcoördinatoren. Dit zijn Kim Gongriep en Manja Heinrich. Leerlingen, ouders en collega’s kunnen hen raadplegen voor advies. Op schoolniveau zetten we ons actief in om bovengenoemde afspraken na te leven en om te controleren of een ieder zich hieraan houdt.
 

Acties van de school bij het signaleren van pestgedrag

U kunt de volgende acties van ons verwachten:
 
  1. De leerkracht neemt direct maatregelen en accepteert pestgedrag niet.
  2. De leerkracht praat met de pester(s)/dader(s) en maakt duidelijk dat dit gedrag onacceptabel is.
  3. De leerkracht praat met de gepeste/het slachtoffer en maakt duidelijk dat er alles aan gedaan  wordt om het pesten aan te pakken en op welke manier.
  4. De leerkracht stelt de schoolleiding, de anti-pest coördinatoren en de collega’s op de hoogte van het probleem.
  5. De leerkracht stelt de ouders/verzorgers van de dader(s) en het slachtoffer zo snel mogelijk op de hoogte.
  6. De leerkracht betrekt deze en eventueel andere ouders (van meelopers) in een eerste plan van aanpak om verder pesten te voorkomen.
  7. De leerkracht gaat samen met alle kinderen in de klas aan de slag onder het motto ‘Stop het pesten’.
  8. Elke melding is er één teveel. We blijven er dus naar streven dat alle kinderen zich veilig en geaccepteerd voelen.